Stationslogica

October 9, 2016

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kort geleden ben ik met de Gemeente Den Haag op excursie geweest naar de stations Utrecht Centraal en Arnhem Centraal. In Den Haag is ons team Centrum namelijk ook bezig met stationslocaties.
Ik was zelf wel erg benieuwd naar de verhalen achter de ontwerpen en ervan te leren wat nu wel en niet werkt. Het recent opgeleverde station Delft Centraal en Rotterdam Centraal ken ik goed en vind ik logisch werken. Wat heeft de excursie nou bijgedragen in het verscherpen van deze logica?

 

Beide stations liggen midden in een stedelijk weefsel met bestaande structuren, belangen en zijn intensief gebruikte knooppunten waar alles samenkomt. Complex dus. Stations zijn voor mij dan ook een stukje stad, een verbinding van routes, weefsel, structuren, belangen, en hierdoor zowel van binnen als van buiten een integraal stedelijk ontwerp. Buiten en binnen kunnen niet los van elkaar worden gezien en dienen één geheel te zijn wat logisch werkt.

 

Utrecht laat dit in een extreme situatie zien, alles maar ook daadwerkelijk alles is verbonden en afhankelijk van elkaar. Nieuwe gebouwen en routes gaan over spoor, nieuwe fietsenstallingen, ondergrondse garages, bestaande winkelcomplexen en waterstructuren én door gebieden van verschillende stakeholders. Een sterke visie was daarom essentieel. Een sterke rode draad in het plan is het maken van 4 rechtlijnige routes van oost naar west. De huidige situatie bestaat uit een doolhofroute door Hoog Catharijne, langs de 'patatstraat' en waar de toegangen tot het station armoedig en donker zijn. De nieuwe routes zijn/worden licht, ruimtelijk en dus rechtlijnig. Logisch voor mij en helder uit te leggen aan alle stakeholders. Natuurlijk zijn (of worden) er nog veel meer ingrepen gedaan, zoals een nieuwe verkeersstructuur, waarbij ook een logische verbinding van binnen naar
buiten (met bijvoorbeeld je fiets) essentieel is.

Arnhem is een heel ander station. De stedebouwkundige van de gemeente legde uit dat het concept van Van Berkel was het hoogteverschil tussen beide zijden van het station op een glooiende manier in het station weer te geven. Dit levert van binnenuit een fotogeniek gebouw op met ronde vormen. Het lijkt van binnen een kunstwerkje op zich (collega Csaba Zsiros maakte de mooie vergelijking met de kunstwerken van Barbara Hepworth). Echter de logica mist voor mij en ik vraag mij af of de dure ingrepen die nodig waren voor de krachtige architecturale vormen niet beter op een andere manier konden worden ingezet. Zo zijn er geen logische verbindingen tussen beide zijden van het station. De stationstunnel loopt aan één zijde dood op een betonnen muurt, terwijl je hier gewoon een verbinding had kunnen maken. De brug die de perrons vanaf de andere zijde verbindt steek niet door en loopt ook dood. Tja... een gemiste kans mijn inziens. Tevens zijn de entrees naar het station slecht vindbaar en vraagt de zijgevel bijvoorbeeld meer aandacht dan de voorgevel. En door bezuinigingen is de glooiende gegoten betonstructuur uit de eerste fase in de volgende fase eruit bezuinigd en zijn dit stalen platen die niet de oorspronkelijke kwaliteit halen.

Geef mij dan maar een logica zoals Rotterdam Centraal. Eén helder ontwerp, een verbinding tussen noord en zuid én echt een gezicht hebben naar de stad. Utrecht is op weg hier naartoe. Maak een plan wat sterk staat en verschillende belangen samenbrengt. Een ontwerp dat vanuit haar eenvoud kracht uitstraalt en haar ambities kan waarmaken. Een ontwerp waarbij de complexiteit simpel lijkt.

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload

Uitgelichte berichten

Verdichting rondom Den Haag HS flink in de publiciteit

March 18, 2019

1/8
Please reload

Recente berichten

August 6, 2019

Please reload

Archief